heilige ENGELBEWAARDERS*

 
Feest van de heilige ENGELBEWAARDERS.
De Kerk leeft in het rijk van de Bovennatuurlijke Orde en daarom is zij met de geesten van de Bovennatuur wel vertrouwd.
Wij behoeven alleen het Ordinarium van de Mis te volgen en wij zullen steeds weer de Engelen ontmoeten, hetzij, dat wij ze tegenwoordig weten, hetzij, dat wij hun liederen zingen (Gloria, Sanctus, etc.) hetzij, dat wij hen in hun dienst van God en de mensen bewonderen.
Vandaag wil de Kerk ons een bijzonder lieflijke openbaring van de goddelijke Voorzienigheid voor ons mensen laten vieren, die namelijk, die God voor ieder van ons een eigen beschermengel heeft aangesteld, die ons door het leven vergezeld, van de wieg tot het graf.
Het feest van de Engelbewaarders is nog wel niet oud, maar toch reeds zeer populair.
Het feest komt het eerst in Spanje voor in de 16de eeuw.
Paulus V stond het in 1608 naar vrije verkiezing op de eerste vrije dag na het feest van de Aartsengel MichaŽl toe.
In 1670 werd het voor de hele Kerk verplichtend gesteld.
Eigenlijk is het de uitbreiding van het oudste engelenfeest van de Aartsengel MichaŽl.
Hem hebben we als de engelbewaarder van de gehele Kerk gevierd (29sept.).

- De wereld van de Geesten: In de Kapel van de heilige Gertrudis te Klosterneuburg werd op een stenen boog van het Priesterkoor een middeleeuwse fresco gevonden, dat de Jakobsladder, waarop de Engelen opstijgen en neerdalen, onze gaven omhoog brengend, Gods Genade naar beneden dragend.
Ook CHRISTUS denkt aan dat heerlijk tafereel, als Hij zegt: "Gij zult de Hemel geopend zien en de Engelen Gods zien opstijgen en neerdalen over de Mensenzoon"(Joh.1,31).
 

Afbeelding invoegen

De Heiland wil daarmee zeggen: door mijn verlossingswerk is de verbinding tussen Hemel en aarde opengesteld en de engelen zullen de middelaars van die verbinding zijn.
Daarmee kunnen we het belangrijke feit vaststellen, dat juist wij, die voor de Liturgie ijveren, wederom het best begrijpen moeten: er bestaat een geestelijke wereld, in deze Ďwemeltí het van goede en boze geesten.
Deze geestelijke wereld omringt ons.
De heilige SCHRIFT geeft rijkelijk getuigenis daarvan.
Geloven wij toch en zien wij met de ogen van de geest deze engelen en duivels, die ons omgeven!
Wij, moderne mensen zouden die dingen slechts in beeldspraak willen verstaan.
Maar neen, het is werkelijkheid.
Engelen en duivels omringen ons leven van de wieg tot het graf en om ieder mens speelt zich een engelenstrijd af als in de tijden van Lucifer en MichaŽl.
Geheel bijzonder echter is het Godshuis bevolkt met goede engelen.
Bij de heilige MIS omgeven zij het Offer van CHRISTUS met een geestelijke wal (offertorium 14de Zondag na Pinksteren) en bouwen een ware Jakobsladder.
Dat geven ons de vijf plaatsen van het Ordinarium van de Mis aan, waarin de engelen genoemd worden.
Als wij ons aan de trappen van het ALTAAR door berouw op het heilig Offer voorbereiden, staat MichaŽl voor ons als aanklager en voorspreker (in het Confiteor); hij is onze veldheer in de strijd tegen de Hel.
Hoe dikwijls waren wij laffe strijders!
Het "Gloria in excelsis " is een engelen gezang, dat wij in vereniging met de engelen op de velden van Bethlehem zingen.
Bij de offerande staat volgens het letterlijke woord van de Liturgie "de Aartsengel MichaŽl aan de rechterzijde van het reukaltaar" en legt in vereniging met alle uitverkorenen bij de bewieroking zijn voorspraak voor ons in de schaal.
Daar weerspiegelt zich de geliefde voorstelling van de Heilige Schrift, dat de engelen de gebeden en goede werken van de mensen op de wierookschalen omhoog dragen naar de troon van God.
In het heiligste ogenblik van het Offer zijn duizenden Engelen "aanbiddend, lovend, vervuld met eerbiedige siddering en feestvierend in gemeenschappelijke jubel" aanwezig; met hen verenigen wij ons ootmoedig om de Heer te prijzen en te danken in het "Sanctus".
Doordringen wij ons toch van het levende bewustzijn, dat bij de Consecratie de hemelse Koning, omringd door ontelbare engelenscharen naar het Altaar trekt.
Van de engelen kunnen zij één grote kunst leren Ė het BIDDEN Ė
Als de Canon het hoogtepunt bereikt, dan zien wij, hoe ons Offer "door de hand van de Engel op het hemels Altaar voor de ogen van de goddelijke Majesteit" wordt gedragen.
Is de Mis ten einde, dan is het de wens van de Kerk, dat wij ons nogmaals tot de aartsengel MichaŽl wenden.
"Verdedig ons in de strijd, wees onze bescherming tegen de boosheid en de listen van de duivel".
Geloven wij aan de werkelijkheid en de tegenwoordigheid van de wereld der geesten in de Kerk.